Opslag & noodstroom

Noodstroom en UPS met een batterij: wat kan wel, wat niet?

TL;DR — Een batterijsysteem kan je woning of bedrijf blijven voeden als het net uitvalt, maar niet elke thuisbatterij doet dat, en niet voor alle toestellen. In dit artikel lees je het verschil tussen noodstroom en een , welke toestellen je op noodstroom zet en hoe lang een batterij het volhoudt.

Kernvraag: Kan mijn batterijsysteem als noodstroom of werken?

Leestijd: 7 min

Ja, als het systeem daarvoor ontworpen is. Een batterijsysteem met noodstroom voedt bij een netuitval verder de kringen die erop aangesloten zijn, zolang de batterij genoeg energie en de omvormer genoeg vermogen heeft. Werkt de overschakeling zo snel dat computers en andere elektronica niet heropstarten, dan spreken we van een -functie. Niet elke thuisbatterij kan dat, en geen enkele batterij voedt je hele woning onbeperkt.

Noodstroom of UPS: wat is het verschil?

Bij noodstroom neemt de batterij het over als het net wegvalt, maar er kan een korte onderbreking zijn. Lampen flikkeren even, een computer of een router kan heropstarten. Voor een koelkast of een verwarmingsketel is dat geen probleem.

Bij een (uninterruptible power supply) merk je de overschakeling niet. Victron geeft voor de MultiPlus-II aan dat die bij een netuitval binnen 20 milliseconden overneemt, zodat computers en andere elektronica zonder onderbreking blijven werken. Een echte online- voor een serverruimte schakelt zelfs helemaal niet om, omdat de toestellen daar altijd via de omvormer gevoed worden.

Niet elke thuisbatterij levert noodstroom

Veel kant-en-klare thuisbatterijen zijn gemaakt om zonnestroom te verschuiven naar de avond. Valt het net uit, dan schakelen sommige volledig af, net als je zonnepanelen. Andere hebben een aparte noodstroomuitgang, vaak met een beperkt vermogen of met een merkbare onderbreking.

Kijk daarom in de datasheet naar drie dingen: of er een noodstroomuitgang is, hoeveel vermogen die levert, en hoe lang de overschakeling duurt. Staat er niets over, ga er dan van uit dat het systeem geen noodstroom levert.

Hoe noodstroom met een Victron-systeem werkt

In een Victron-systeem loopt de stroom voor de beschermde kringen altijd door de . Die heeft een ingang, aangesloten op het net, en een uitgang, waarop de kringen hangen die je wil beschermen. Valt het net weg, dan opent de zijn ingang en voedt hij de uitgang verder uit de batterij.

Twee gevolgen zijn belangrijk:

  • Enkel de kringen op de uitgang krijgen noodstroom. Toestellen die rechtstreeks aan je gewone verdeelkast hangen, vallen uit zoals altijd. Daarom krijgen de beschermde kringen meestal een eigen verdeelkast.
  • Het systeem voedt het net niet. Bij een netuitval koppelt de zich los van het net. Dat is verplicht volgens de Belgische netcode, zodat er geen spanning op het net staat terwijl de netbeheerder eraan werkt.

De MultiPlus-II heeft ook een tweede uitgang die alleen spanning geeft zolang het net er is. Daar hangen toestellen die de batterij niet mogen leegtrekken, zoals een elektrische boiler.

Welke toestellen je op noodstroom zet

De bepaalt hoeveel vermogen je tegelijk kan gebruiken. Een MultiPlus-II van 5 kVA levert bij 25 °C volgens Victron 4.000 W continu, en kort een hoger piekvermogen voor het opstarten van motoren en compressoren. Wat daarboven gaat, kan niet tegelijk.

Logische kandidaten voor de noodstroomkant:

  • koelkast en diepvries
  • verwarmingsketel en circulatiepomp
  • internet, router en computers
  • verlichting in de belangrijkste ruimtes
  • een sump- of afvoerpomp, als je die hebt
  • in een bedrijf: kassasysteem, server, koelcel of alarm

Minder logisch zijn zware verbruikers zoals een laadpaal, een kookplaat, een droogkast of een warmtepomp. Die vragen veel vermogen en maken je batterij snel leeg. Kan je ze niet missen, dan moet het systeem daarop gedimensioneerd worden, bijvoorbeeld driefasig en met meer batterijcapaciteit.

Rekenvoorbeeld: hoe lang hou je het vol?

Hoe lang je het volhoudt, hangt af van de energie die je in reserve houdt en van wat je gemiddeld verbruikt. Neem een woning met deze toestellen op de noodstroomkant, met een gemiddeld verbruik over de dag:

  • koelkast en diepvries samen: 100 W
  • verwarmingsketel en circulatiepomp: 100 W
  • internet, router en een laptop: 50 W
  • verlichting: 100 W

Dat is samen gemiddeld 350 W. Stel dat je batterij 10 bruikbare capaciteit heeft, en dat je 70% daarvan altijd als reserve houdt voor een netuitval. Dan heb je 7 beschikbaar. 7 gedeeld door 0,35 geeft 20 uur. Door verliezen in de omvormer reken je in de praktijk best op iets minder. Schijnt de zon, dan laden je zonnepanelen de batterij overdag bij en hou je het langer vol.

Dit voorbeeld is illustratief. Je eigen verbruik lees je af in je kwartierdata op Mijn , zoals uitgelegd in het artikel over je eigen verbruik kennen.

Eén fase of drie fasen bij een netuitval

Heb je een driefasige aansluiting, dan is één vaak voldoende voor , maar niet voor driefasige noodstroom. Bij een netuitval voedt die ene alleen de kringen op zijn eigen uitgang, op één fase. Wil je driefasige toestellen beschermen, dan heb je volgens Victron minstens drie nodig, één per fase. Hoe je dat afweegt, lees je in het artikel over Victron ESS.

Wat bij een lange netuitval?

Bij een netuitval van enkele uren is een goed gedimensioneerde batterij meestal voldoende. Moet je langer kunnen overbruggen, bijvoorbeeld in een bedrijf met koeling of een woning op een afgelegen plek, dan kan een generator het systeem aanvullen. Victron voorziet die combinatie in zijn -systemen. De generator laadt dan de batterij bij.

Praktische checklist

  1. Maak een lijst van de toestellen die je bij een netuitval zeker wil blijven gebruiken.
  2. Bepaal of een korte onderbreking erg is, of dat je een -functie nodig hebt.
  3. Kijk of er driefasige toestellen bij zijn.
  4. Haal je verbruiksgegevens op, zodat de reserve op je echte verbruik gebaseerd is.
  5. Kijk in de datasheet van een bestaand of aangeboden systeem naar de noodstroomuitgang, het vermogen en de overschakeltijd.

Wat je beter niet doet

Sluit nooit zelf een generator of batterij aan op je installatie via een stopcontact of een omschakelaar die niet gekeurd is. Zonder correcte scheiding kan er spanning op het net komen, met levensgevaar voor wie aan het net werkt. Een noodstroomsysteem hoort ontworpen, uitgevoerd en gekeurd te worden volgens het AREI.

Bronnen

  • Victron Energy, Datasheet MultiPlus-II: overname binnen 20 milliseconden, continu vermogen per model, tweede uitgang die alleen spanning heeft met net
  • Victron Energy, ESS design and installation manual: verdeling tussen en reserve, driefasige noodstroom, met generator
  • Synergrid, Technisch voorschrift C10/11: aansluitvoorwaarden voor productie-eenheden die parallel met het net werken, waaronder ontkoppeling bij netuitval
Delen:

Meer lezen — zelfde onderwerp

Victron ESS uitgelegd: hoe werkt een batterijsysteem op maat?

5 min leestijd · Victron

Een Victron ESS is geen kant-en-klare thuisbatterij, maar een systeem van losse componenten rond een omvormer-lader. Het slaat zonnestroom op voor later, kan noodstroom leveren en werkt één- of driefasig. In dit artikel lees je uit welke onderdelen het bestaat, hoe het werkt en wat er in België bij komt kijken.